|
Gedurende de Eerste Wereldoorlog werden de ontwikkelingen van oorlogsmaterieel nauwlettend op de voet gevolgd door Nederland. Het werd toen al duidelijk dat de invoering van een stalen helm noodzakelijk was ter bescherming van de eigen militairen.
In februari 1916 werd aan de Artillerie Inrichtingen (AI) opdracht gegeven om een eigen stalen helm te ontwikkelen. Na onderzoek werd door AI de eerste proefmodellen gefabriceerd die afgeleid waren van de Franse m15 Adrian helm. Net als de m15 Adrian helm, voldeed ook deze ontwerp niet. Er werden ook een aantal proefhelmen geleverd door de firma van Heijst & Zonen die wel voldeden. Deze helmen ,van eigen ontwerp, werden uiteindelijk de basis om verder te ontwikkelen. Firma van Heijst & Zonen kreeg de opdracht om een dertig-tal helmen te leveren voor beproevingen. Na een aantal wijzigingen op deze proefhelmen werd de uiteindelijke ontwerp officieel vastgesteld als de helm No. 1 op 16 december 1916.
Er werd door het Departement van Oorlog een order geplaatst van 100.000 helmen. 50.000 zouden door van Heijst geleverd worden en 50.000 door de firma Braat uit Delft. De firma F. pauwels zou de 100.000 binnenwerken leveren.
Door een groot tekort aan staal kwam de productie amper op gang. Firma van Heijst leverde maar amper 13.000 helmen tot aan oktober 1917 en de firma Braat amper 300 (proef-) helmen. De order bij de firma Braat werd geannuleerd aangezien zij niet aan de verplichting bleken te kunnen voldoen. Ook was er verschil bij de geleverde helmen door van Heijst. Er werden helmen geleverd van 1mm dik staal en er werden helmen geleverd van 1,5 mm staal. De helmen van 1mm staal werden uiteindelijk afgestoten vanwege het slechte kwaliteit.
In juni 1921 werden 22 bedrijven in het buitenland verzocht om een 10-tal proefhelmen te leveren. Maar zes bedrijven gingen hierop in en leverden de gevraagde proefhelmen. Van deze zes bedrijven kregen er uiteindelijk 3 een opdracht om de helmen te produceren. Deze producenten waren de firma’s van Heijst, Hadfields Ltd. uit Engeland en Eskilstuna Stalpressnings uit Zweden. Vanaf medio 1924 werden de helmen bij de Artillerie Inrichtingen geproduceerd en productie van de helm no. 1 is doorgegaan tot 1928 bij de AI. Vanaf 1927 werden er bij de AI ook helmen geproduceerd van het model no. 2, model 1927.
Uiteindelijk zijn er meerdere modellen geproduceerd van het model no. 1, nl.: De helm no. 1 geproduceerd in 1916 en 1917 (m16), de helm no. 1, model 1922 geproduceerd tussen 1922 en 1924 (m16A), de helm no. 1, model 1926 geproduceerd in 1926 (m16B), de helm no. 1, model 1927 geproduceerd in 1927 (m16C) en de helm no. 1, model 1928 geproduceerd in 1927 en in 1928 (m16D).
De helmen no. 1 (m16) kenmerken zich door 3 ranselriem sleuven en aan beide zijden één ventilator. De helmen werden gespoten in een donker groene kleur met een gladde afwerking. Het binnenwerk was afgeleid van het Duitse model zoals gebruikt op de Duitse m16 helmen en bestond uit drie lederen flappen geplaatst op een stalen band. Het geheel werd aan de helm bevestigd met 8 platte stalen klinknagels waarbij er per klinknagel een ring werd geplaatst van kurk tussen de helm en binnenwerk. Al snel ging men over op een lederen band in plaats van de gebruikte stalen band vanwege de klachten. Ook waren aanvankelijk twee maten beschikbaar, namelijk een van 56 cm en een van 59 cm. Afhankelijk van welke maat binnenwerk geplaatst was, was de dikte van de kurken ring verschillend. Er was een kurken ring van 10mm dik voor de maat 56cm binnenwerk en een kurken ring van 5mm dik voor de maat 59cm binnenwerk. Al snel ging men over op één maat van 59cm waardoor er aan de achterzijde van de lederen flappen kussens werden geplaatst gevuld met paardenhaar. Afhankelijk van de maat hoofd werden deze kussens gevuld tot een juiste maat was bereikt. Het binnenwerk werd aan de binnenzijde van een van de flappen gestempeld door het Centraal Magazijnen met de letters CM en een jaartal. Dit gebeurde pas nadat de helm was goedgekeurd. Deze CM stempels zijn zwart van kleur. De eerste gestempelde helmen in 1916 kregen echter een witte stempel in plaats van een zwarte! Het kinriem was van het Franse model zoals gebruikt op de m15 Adrian. In eerste instantie was de schuifgesp rechts geplaatst. Hierdoor werd het richten met het geweer bemoeilijkt waardoor de schuifgesp al snel naar de linker kant werd verplaatst. De helmen gemaakt door de firma van Heijst werden gestempeld met “van Heijst & Zn” en eronder “den Haag”. Deze stempels kunt u vinden aan de binnenzijde, onder de voorste ranselriem sleuf. De proefhelmen gemaakte door de firma Braat waren niet gestempeld. Na 1922, werd een groot gedeelte van de 1,5mm dikke van Heijst helmen gereviseerd. Deze kregen de nieuwe model binnenwerk met kinriem en de helmen werden in een lichte groene kleur gespoten. De platte klinknagels werden vervangen door het bolle type.
De helmen no. 1, model 1922 (m16A) kenmerken zich ook door 3 ranselriem sleuven en aan beide zijden één ventilator, net als de helmen gemaakt in 1916 en 1917. De helmen werden gespoten in een lichte grasgroene kleur met een korrilige afwerking. Dit werd gedaan om de schittering van de zon te verminderen. Het binnenwerk was een verbeterd model zoals gebruikt op de helmen no. 1 uit 1916 en 1917. Deze bestond uit drie lederen flappen geplaatst op een lederen band. De zakjes paardenhaar werd vervangen door drie vilten flappen die onder de lederen flappen werden geplaatst. Er was maar één maat beschikbaar. De helm kreeg na goedkeuring van de Centrale Magazijnen een zwarte CM stempel op de lederen band tussen twee flappen. Meestal bevind deze stempel aan de linker voorzijde. De kinriem was ook aangepast en had een doorngesp in plaats van de eerder gebruikte schuifgesp. Pas in 1926 weren bij alle nog ingebruik zijnde helmen no. 1 de kinriemen met doorngesp vervangen door een kinriem de bekende schuifgesp met blokering. Deze helmen werden geproduceerd door de firma’s van Heijst, Hadfields Ltd. uit Engeland en Eskilstuna Stalpressnings uit Zweden. De helmen werden niet gestempeld.
De helmen no. 1, model 1926 (m16B) zijn nagenoeg gelijk aan de helmen no. 1, model 1922 (m16A). Enige verschil is het ontbreken van beide ventilatoren.
De helmen no. 1, model 1927 (m16C) zijn nagenoeg gelijk aan de helmen no. 1, model 1926 (m16B). Enige verschil is dat de helmen no. 1, model 1927 één ranselriem sleuf heeft aan de voorzijde in tegenstelling tot de drie ranselriem sleuven bij de helmen no. 1, model 1926.
De helmen no. 1, model 1928 (m16D) zijn nagenoeg gelijk aan de helmen no. 1, model 1927 (m16C). Enige verschil is dat de helmen no. 1, model 1928 een gekraalde rand hebben in tegenstelling tot de scherpe rand bij de helmen no. 1, model 1927.
Dutchhelmets
|
|

